




















|
|
Spelvormen,
voorbeelden van sportspecificiteit.
Spelvormen:
-
2 groepen gooien
binnen iedere groep de bal naar elkaar over, wie maakt de hoogste serie?
-
o
Opdracht: bal stoten;
-
o
De bal met swing gooien.
-
Trefvolleybal:
-
o
2 Teams proberen elkaar op een groot
volleybalveld af te gooien. Word je geraakt, dan verlaat je het veld en raapt
de ballen voor je teamgenoten. Wanneer je teamgenoten een gegooide bal
onderarms opspelen en vangen, mag de speler die het langst naast het veld
staat, terug. Spelers mogen de bal wel vangen. Wie het veld van de
tegenstander leeggooit, wint.
-
Serveer
terugvolley.
-
o
Nethoogte: 1.20 m.
-
o
2 Teams proberen elkaar af te gooien. De
bal mag gevangen worden. Wie afgegooid wordt, gaat proberen een bal te
serveren vanaf de achterlijn van de tegenpartij in het veld van zijn eigen
partij. Wordt jouw bal gevangen (niveau 2), of onderarms opgespeeld en
gevangen (niveau 3, 4, 5) dan mag je terug. Wanneer je de geserveerde bal
aanraakt en niet vangt, ben je ook af.
-
Basketvolley.
-
o
Kleine teams maken, bijvoorbeeld 4 tegen 4. De
laatste bal moet met een volleybaltechniek gedoeld worden.
-
o
(maak meerdere groepjes, i.v.m. veel
balcontacten).
|